De redactie van de Friese Orgelkrant wil in deze rubriek aandacht schenken aan organisten uit Fryslân die een jubileum
vieren. Graag worden wij daarom op jubilarissen geattendeerd, want het is een illusie om als redactie alle jubilarissen
te kunnen traceren. Wij hebben dus uw hulp nodig. De afgelopen maanden zijn wij omtrent enkele jubilea getipt en wij maken
daarvan graag melding. Mocht u tips hebben dan kunt u deze mailen naar:
bestuur@organumfrisicum.nl
Griet Talsma-Calsbeek
Griet Talsma-Calsbeek (Leeuwarden, 1929) werd in 1954 vaste organiste van de Sint-Vituskerk in Stiens (Van Dam-orgel, 1830).
Vandaar dat zij vorig jaar haar 50-jarig jubileum als organiste vierde. George Stam en Piet Post waren haar belangrijkste
orgeldocenten. Op aanraden van Kor Ket, oprichter en dirigent van de Leeuwarder Bachvereniging, is zij ook piano gaan studeren.
Griet Talsma-Calsbeek werkte vele malen mee aan de uitvoeringen van Bach's Mattheüs Passie door het Koninklijk Toonkunstkoor
Concordia onder leiding van Piet Post. Ook aan diens laatste optreden in december 1979 werkte zij mee. Daarnaast heeft Griet
Talsma-Calsbeek de vele cantateconcerten van de Leeuwarder Bachvereniging dikwijls begeleid. Momenteel is zij nog bij verschillende
koren als vaste repetitor actief. In haar muzikale loopbaan ligt het accent op het begeleidingswerk.
Jan Sterenberg
Jan Sterenberg (Schiedam, 1942) kreeg vanaf zijn zevende jaar pianolessen en op zijn zestiende orgelles van Koos Bons in
Maassluis. Samen registreerden zij in 1962 bij een concert van Marcel Dupré in de Grote Kerk van Dordrecht. Na in enkele
gemeenten als hulporganist te hebben gefungeerd, werd Jan Sterenberg in 1965 als vaste organist van de Oosterkerk in Schiedam
aangesteld. Dat is dit jaar dus 40 jaar geleden. Hij verdiende in die tijd de kost in het bedrijf van zijn vader.
In 1972 verhuisde Jan Sterenberg naar Fryslân om aan de muziekschool in Bolsward te gaan werken. Daartoe moest hij wel nog het
conservatoriumdiploma halen. Dat gebeurde aan de Muziek Pedagogische Akademie (MPA) te Leeuwarden. Hij studeerde er orgel bij
Jan Jongepier en Piet Post. Bij Brugt Nauta studeerde hij bovendien piano. In zijn muzikale loopbaan heeft het accent steeds
op het lesgeven gelegen, maar hij heeft ook menig concert gegeven, zowel solo orgelconcerten als het begeleiden van koren.
Jan Sterenberg is organist van de hervormde kerk in Makkum (Naber-orgel, 1848). Vanaf 1991 is hij bestuurslid van de KNOV,
district Friesland. Jan Sterenberg is twee jaar geleden met de VUT gegaan en heeft zich sindsdien nog geen moment verveeld.
Rein Albert Ferwerda
Rein Albert Ferwerda (Sint Annaparochie, 1945) vierde eind vorig jaar zijn veertigjarig jubileum als koordirigent. Vanaf zijn
twaalfde jaar is hij al kerkorganist. Momenteel is hij organist in zijn woonplaats Drachten bij de doopsgezinde en bij de
PKN-gemeente. Zijn eerste belangrijke muziekdocent was Yme Visser uit Franeker, zélf zowel organist als koordirigent. Na de
kweekschool bezocht Rein Ferwerda het conservatorium te Groningen. Nog tijdens zijn conservatoriumstudie werd hij als docent
aan de muziekschool in Buitenpost gevraagd. In 1986/87 werd hij directeur van het Groninger conservatorium met als bijzondere
opdracht de fusie tussen de Leeuwarder en Groninger conservatoria in goede banen te leiden. Een moeilijke klus met lastige
beslissingen. Er moesten bijvoorbeeld zeventig docenten worden ontslagen. In 1993 ging hij op eigen verzoek weer lesgeven.
Bij een bezuinigingsronde in 2002 kon hij met vervroegd leeftijdsontslag. De talentenklas van muziekschool De Meldij te
Drachten is hij blijven coachen en lesgeven. Al die jaren is hij ook koren blijven leiden. Op dit moment is hij nog dirigent
van koren in Drachten en Oldekerk. Rein Ferwerda heeft een groot aantal koorbewerkingen op zijn naam staan. Voor de bundel
'Tussentijds', een binnenkort bij De Haske in Heerenveen te verschijnen aanvulling op het Liedboek voor de Kerken, gaat hij
de koorzettingen en –arrangementen maken.
Folkert Binnema
Folkert Binnema (Stiens, 1939) speelde in 1953 zijn eerste kerkdiensten op een harmonium in een schoollokaal. Sindsdien is
hij kerkdiensten blijven begeleiden. Als scholier volgde hij zowel piano- als orgellessen. Na een Bachconcert in 1950 raakte
hij ook hevig geïnteresseerd in het klavecimbel. Tijdens zijn adolescentie had hij orgelles van Bauke Zijlstra uit
Leeuwarden-Huizum, die hem op het staatsexamen voorbereidde. Nadat hij dit gehaald had, volgde hij orgellessen bij Wim van
Beek en Klaas Bolt. Enige jaren na het afronden van de PABO (toen nog kweekschool), ging Folkert Binnema aan de Muziek
Pedagogische Akademie (MPA) te Leeuwarden studeren. Bij Brugt Nauta behaalde hij de A-akte piano. Tijdens zijn studieperiode
aan de MPA vonden twee belangrijke gebeurtenissen plaats: hij trouwde met Annie Michielen en hij werd benoemd als docent aan
de muziekschool van Sneek. Inmiddels is hij al weer enkele jaren met de VUT. Hoewel Folkert Binnema lid is van de protestantse
gemeente (PKN) in Sneek, is hij vooral actief binnen de doopsgezinde kerk. Hij is al meer dan 30 jaar vaste organist van de
doopsgezinde kerk in Sneek (Van Gruisen-Scheuer-orgel, 1786 / 1847). Bovendien is hij betrokken bij de afronding van de landelijke
doopsgezinde orgelinventarisatie. Verder maakt hij deel uit van de doopsgezinde werkgroep kerkmuziek en de daaronder
ressorterende orgeladviescommissie. Door de drukke werkzaamheden die hieruit voortvloeien, heeft Folkert Binnema te kennen
gegeven zijn werk als redacteur van de Friese Orgelkrant te willen beëindigen.
Eelke Zijlstra
Eelke Zijlstra (Achlum, 1940) is tijdens zijn jongensjaren veel en lang ziek geweest. Daarom is hij geen beroepsmusicus
geworden. Hij vierde eind december 2005 zijn vijftigjarig jubileum als organist. Op zijn zevende kreeg hij zijn eerste
harmoniumlessen en op tweede kerstdag 1954 begeleidde hij zijn eerste dienst op het Van Dam-orgel (1854) in de kerk van
Achlum. Na de kweekschool begon Eelke Zijlstra als onderwijzer in Tzum. Na zijn huwelijk werd hij onderwijzer in
Augustinusga. In 1973 vertrok hij naar Kûbaard, waar hij hoofd van de christelijke basisschool werd. Steeds was hij
actief als organist, in Kûbaard op het fraaie Hardorff-orgel uit 1856. Na zijn vervroegde pensionering in 1998 verhuisden
Eelke Zijlstra en zijn echtgenote naar IJlst. Ook daar werd meteen een beroep op hem als organist gedaan. Hij speelt dus
inmiddels al weer bijna zeven jaar diensten in de Mauritiuskerk (Van Dam, 1834) en in de Stadslaankerk (Van Gruisen, 1836).
Als jongen al was Eelke Zijlstra een groot bewonderaar van Piet van Egmond. En dat is zo gebleven. Hij stond in 1986 als
één van de initiatiefnemers aan de wieg van de Stichting Piet van Egmond Documentatiecentrum. Vanaf de oprichting is hij
voorzitter en sinds zijn pensionering tevens penningmeester. In de Friese Orgelkrant van 1998 staat een artikel over Eelke
Zijlstra, onderwijzer en organist. Naar aanleiding van zijn jubileum kreeg Eelke Zijlstra het gouden insigne met briljant
van de Nederlandse Vereniging van Kerkvoogdijen uitgereikt. Bovendien werd hij wegens zijn verdiensten op velerlei terrein
onderscheiden als lid in de Orde van Oranje Nassau.
Annie Michielen
Annie Michielen (Stompertoren, 1937). Haar eerste kerkdienst begeleidde zij in 1951, toen zij voor haar vader moest invallen.
Zij had vanaf 1945 orgelles van Gerard Kremer. Latere leraren waren Cor Kee, Marjan Doorn en Piet Kee. In 1955 werd zij tot
vaste organiste in Grootschermer benoemd. 'Het getuigschrift' van de KNOV behaalde zij in 1960. De examendag was ook in ander
opzicht bijzonder: zij ontmoette haar latere echtgenoot, Folkert Binnema, die voor hetzelfde examen slaagde. Op latere leeftijd
volgde Annie Michielen nog lessen bij Frans Tersteeg, Klaas Tjitte de Jong en Theo Jellema (kerkmuziek). Ruim 33 jaar had ze
een vast dienstverband met de Hervormde kerken in Grootschermer, IJlst en Wieuwerd-Britswerd. In 2003 moest zij de vaste
verplichtingen als organiste om gezondheidsredenen beëindigen.
Organist Karel Eringa viert 60-jarig jubileum
Burgwerd - In een feestelijke dienst heeft de Hervormde Gemeente van Burgwerd-Hartwerd-Hichtum samen met de SoW-gemeente
Lollum-Waaxens gisteren in de kerk van Burgwerd stilgestaan bij het 60-jarig jubileum van Karel Eringa als organist. Hoewel
het niet exact is te bepalen hoeveel diensten hij heeft begeleid, kwam ds. Liuwe Westra uit op een totaal van circa 7000. Een
deel van de liederen in de jubileumdienst was de keus van Eringa zelf, zoals de gezangen 430 en 481. In de preek aan de hand
van de schriftlezing uit 1 Petrus 2:1-10 trok ds. Westra een vergelijking tussen de Bijbel en orgelmuziek. Voor
beide moet je tijd nemen en het op je laten inwerken. Het zit dan aan de binnenkant, in je hart. Maar op een bepaald ogenblik
komt het naar buiten zoals bij het brengen van offers. Zo is het ook met de orgelmuziek waarbij het werk van Karel Eringa werd
vergeleken met het priesterschap. Na de preek werd de organist naar beneden geroepen om te midden van de gemeente de rest van
de dienst mee te maken. Hierin werd door een broer van Karel Eringa met diens beide zonen voor hem het lied "Het ruw houten
kruis" gezongen, terwijl Ernst Walstra de bespeling van het orgel overnam. Na afloop van de dienst was er in het Doniahûs
een receptie waar men de jubilaris en zijn echtgenote kon gelukwensen. Hier richtte ds. Liuwe Westra het woord tot Eringa en
haalde hij zaken aan die bij bezoekjes aan Karel en Sjoukje Eringa opvielen of ter sprake kwamen. Ook de steun die Eringa altijd
heeft gekregen van zijn echtgenote werd benadrukt. Dit werd onderstreept met het overhandigen van enkele boekenbonnen aan haar.
Westra bood Karel Eringa een cd van de feestelijke dienst aan. Daarnaast ontving hij een cd met orgelmuziek van Klaas Jan Mulder.
Bron : Friesch Dagblad, 25 april 2005
Age Wijnia uit Hemelum vijftig jaar organist
Het orgel als tweede leven
Hemelum - Hij ontmoette er zijn vrouw door, het is zijn grootste hobby en een onlosmakelijk deel geworden van zijn leven:
orgelspelen. Organist Age Wijnia (64) uit Hemelum viert zondag in de Terptsjerke in Akkrum zijn gouden jubileum. Het verhaal
over hoe Wijnia vijftig jaar geleden organist werd, zou zo uit een jongensboek kunnen komen. Age, dan veertien jaar, is op dat
moment leerling-organist. Hij bespeelt al vaker het orgel van de hervormde kerk aan de Herenwal in Heerenveen. Vader Wijnia is
de vaste bespeler van het instrument. Het is 24 april 1955. Ages vader zal spelen in de avonddienst. "Hij zat echter ook
in de beroepingscommissie en was niet op tijd terug van 'it dûmnyharkjen'. Een paar minuten voor de dienst kwam daarom niet
mijn vader boven om het orgelspel over te nemen, maar een kerkenraadslid. Met de mededeling dat mijn vader nog niet terug was
van een bezoek aan een mogelijke nieuwe dominee. 'Do silst it wol dwaan moatte', zei hij.'' Zo gebeurde het. Sinds die keer is
de leerling-organist geen leerling meer, maar speelt hij iedere zondag. Een aantal maanden later krijgt Wijnia een benoeming
voor de morgen- en de avonddienst als organist. Zijn leermeesters zijn R. Tuele, destijds dirigent van het Oratorium in Heerenveen
en daarna Han Bokelman. Muzikaal is Wijnia altijd geweest. Het spelen zat hem in het bloed. En bij meerdere in de familie, zo
blijkt. Ook zijn broers Lolle en Sjoerd zijn organist. Wijnia is niet zozeer een "technisch organist'', zegt hij. "Ik
verdiep me niet in hele moeilijke stukken. Dat heeft mijn passie niet. Ik ben meer iemand die er van houdt om de gemeentezang te
begeleiden. Daar geniet ik echt van.'' Er zijn jaren geweest dat hij drie keer per zondag achter het orgel plaatsnam. Soms
gebeurde dat met kunst- en vliegwerk. "Dan stapte ik op zondagmorgen in alle vroegte op de fiets en vertrok naar de dominee
van Oudehaske. Daar vroeg ik het orgelbriefje om vervolgens naar de kerk te gaan. Daar schreef ik zelf op het bord de te zingen
liederen. Daarna speelde ik dan in de dienst, die al om half negen begon.'' Na die kerkdienst fietste hij snel vier kilometer
terug naar Heerenveen, waar Wijnia snel aanschoof bij zijn vader, die alvast begonnen was met spelen. De avonddienst nam hij
dan ook 'nog even' voor zijn rekening. Tegenwoordig speelt Wijnia een keer per maand in de Terptsjerke van Akkrum en 'ad-hoc'
in verschillende kerken die hem bellen voor de begeleiding in de kerkdiensten. Tevens is hij een veel gevraagd organist binnen
de familie. Bijvoorbeeld bij trouwdiensten en begrafenissen. Wijnia maakte bij spelen ook aparte dingen mee. "Ooit speelde
ik in een dienst waar de dominee het te zingen lied opgaf. Ik begon met het voorspel en daarna het koraal. Ik bemerkte ineens
dat de gezongen tekst niet overeen kwam met wat ik voor me had liggen. Bleek dat ik een gezang speelde in plaats van de psalm
met hetzelfde nummer. Bij de laatste regel werd het nog even spannend, maar wonderwel eindigden we als gemeente en orgel
gelijktijdig het vers'', vertelt hij met een glimlach. "Ik veegde het zweet van mijn voorhoofd na het naspel. Na de
kerkdienst kreeg ik zelfs nog van een kerkganger een compliment. Hij vond de melodie op de bekende psalm zeer verfrissend. Ik
kon het alleen maar beamen.'' De Heerenvener was ook trouw en wilde nooit verzaken. "Ik moest een keer in Oudeschoot
spelen. Het had de hele nacht gesneeuwd en toen ik vertrok sneeuwde het nog. Er waren zelfs sneeuwduinen, dus eigenlijk was
fietsen onmogelijk. Ik liep meer. Na een uur bereikte ik de kerk. De enige die er aanwezig waren, waren de dominee, de koster
en twee kerkenraadsleden. De kerkdienst werd afgelast en zo vertrok ik weer. Opnieuw door de sneeuw.'' Organist zijn is een
beetje Wijnia's roeping, zo blijkt. "Mijn hele leven is er mee verweven. Je weet niet anders. Zelfs mijn vrouw ontmoette
ik doordat ik organist ben.'' Wijnia had vroeger een bakkerszaak in Heerenveen en vertrok daarna naar Noord-Holland. Daar
werkte hij bijna dertig jaar bij de Hoogovens in IJmuiden. "In Heerhugowaard, waar we woonden, heb ik ook het orgel bespeeld.''
Nu is hij alweer vijf jaar organist in Akkrum. "Als je begint, denk je nooit dat je vijftig jaar organist zal zijn. Het
overkomt je gewoon. Nog altijd heb ik er plezier in. Ik hoop ook nog wel een poosje door te kunnen gaan.'' Het organist-zijn
leidde ook tot een nieuwe hobby. Wijnia neemt zelf cd's op met orgelmuziek. "Dat doe ik via het geluid van een video-camera.
Dat werkt perfect. Als ik ergens ben en mooie orgelmuziek hoor, hou ik de camera erbij en ook zelf ingespeelde muziek neem ik op.
Thuis bewerk ik dat dan weer. De cd's geef ik uit in 'eigen beheer', bijvoorbeeld voor familie en vrienden.'' In de dienst van
zondagmorgen (9.30 uur) wordt Wijnia in zonnetje gezet. Tegelijkertijd viert hij die dag zijn 65ste verjaardag. Dubbel feest dus.
"Ik mag zondag liederen spelen die ik zelf heb uitgezocht. Ik hou van variatie. Daarom zingen we uit het Liedboek voor de
Kerken, maar ook uit de Evangelische Liedbundel, de bundel van 1938 en een meezinger als Glorie, Glorie, Halleluja.''
Bron : Friesch Dagblad 21 april 2005, Lodewijk Born