ok2014menu


  Veranderend Fries orgellandschap Friese Orgelkrant 2014

In het overzicht van belangrijke werkzaamheden aan Friese orgels dat in de Friese orgelkrant van vorig jaar verscheen, passeerden negen orgels de revue. Dit jaar is het aantal wat kleiner. Bovendien gaat het nu niet alleen over orgels die gerestaureerd moe(s)ten worden, zoals vorig jaar, maar betreft het in een paar gevallen groot onderhoud. Als er goed op goed gemaakte orgels wordt gepast, wat ook betekent dat de klimatologische omstandigheden in de kerk in de gaten worden gehouden, gaan ze decennia lang mee en kan restauratie heel lang achterwege blijven; wél is groot onderhoud, waarbij het orgel helemaal wordt schoongemaakt en technisch wordt nagezien, zo nu en dan noodzakelijk.

Omstreeks het moment van verschijnen van deze krant zullen twee restauraties vermoedelijk juist zijn afgerond. Het betreft die van de Van Dam-orgels van Blije / Blija (1870 – 17 registers op twee klavieren en aangehangen pedaal) en Koarnjum / Cornjum (1882 – 10 registers op één klavier en aangehangen pedaal). Beide instrumenten hadden al enige decennia ernstig geleden door uitdroging; hun herstel is van technische aard. Veel omvangrijker zijn de werkzaamheden die in Hallum in volle gang zijn. Daar staat één van de grootste Friese dorpsorgels. Toen Albertus van Gruisen het in 1811 opleverde, nadat het instorten van de kerktoren een roemloos einde van een Hinsz-orgel had betekend, had het 21 stemmen op hoofdwerk, rugwerk en aangehangen pedaal. In 1871 breidde Willem Hardorff het instrument uit met een vrij pedaal van vier stemmen die hij onderbracht achter het orgel boven de balgen. Na 1871 is nog regelmatig en ook grondig aan het orgel gewerkt. Ingrepen in 1909 (Van Dam) en 1931 (Bakker & Timmenga) leidden tot een klankbeeld dat sterk afweek van wat Van Gruisen en Hardorff voor de geest heeft moeten staan. In 2003 is het orgel door Bakker & Timmenga technisch voor een deel gerestaureerd. Het werk dat nu gedaan wordt en dat over een paar maanden voltooid zal zijn, beoogt een rehabilitatie van dit indrukwekkende orgel en een terugkeer van de situatie die in 1871 is ontstaan. Juist voor de jaarwisseling is een begin gemaakt met de restauratie van het Hardorff-orgel van Easterlittens / Oosterlittens (1867 – 15 registers op twee klavieren en aangehangen pedaal), een orgel met een fronttype dat Hardorff ‘leende’ van zijn leermeester Van Dam, een bijzonder instrument doordat Hardorff er Van Gruisenpijpwerk in opnam.

Aan twee historische Friese orgels werd groot onderhoud verricht. Dat was het geval in Achlum (Van Dam 1854 – 16 registers op twee klavieren en aangehangen pedaal) en in IJlst (Van Dam 1834 – 13 registers op twee klavieren en aangehangen pedaal, deels Bader- pijpwerk). In IJlst werd in dat kader de tremulant vernieuwd.

Het Metzler-kistorgel uit begin jaren ’60 van de vorige eeuw dat sinds enige jaren in de Grote- of Jacobijnerkerk in Leeuwarden staat, een bijzonder instrument niet alleen op kwalitatieve gronden maar ook omdat het één van de eerste kistorgels is die in de 20e eeuw werden gebouwd, heeft voor enige maanden de kerk verlaten. Het is, niet verwonderlijk na een halve eeuw trouwe dienst, aan groot onderhoud toe.

Helaas moeten we ook melding maken van een orgel dat in 2013 in vlammen opging. Het betreft het orgel in de rooms-katholieke Sint- Clemenskerk te Nes (Ameland). Het instrument was in 1961 door Fonteijn & Gaal gebouwd voor de gereformeerde Zuiderkerk in Hoogeveen en stond nog maar sinds eind april 2011 op Ameland. Niet alle werk dat met betrekking tot orgels wordt gedaan, is altijd zichtbaar. Er worden plannen ontwikkeld, er worden orgels onderzocht, er worden rapporten over geschreven, er wordt subsidie voor restauratie aangevraagd. Zo wordt er ook in dit jaar al weer veel voorbereidend werk gedaan voor restauraties die pas later zullen worden uitgevoerd. In dit verband kunnen we nu al melden dat het Hillebrand/Lohmann-orgel van Marrum (1831/33 – 16 registers op twee klavieren en aangehangen pedaal) in de loop van 2014 zal worden uitgebreid met een vrij pedaal van drie registers. Maar er staat nog meer op stapel en ook in de Friese orgelkranten van volgende jaren zal in deze rubriek het nodige te lezen zijn. We kunnen ons nu al verheugen op orgels die na jaren van ontluistering weer stralend tevoorschijn zullen komen.

Indien hierboven bij de plaatsnamen de naam van de kerk niet werd genoemd, is sprake van de (voormalige) hervormde kerk.

- Restauraties Blije, Koarnjum, Hallum, Easterlittens: Orgelmakerij Bakker & Timmenga (Leeuwarden); adviseur: Theo Jellema
- Groot onderhoud Achlum en IJlst: Orgelmakerij Bakker & Timmenga
- Groot onderhoud Metzler-orgel Leeuwarden: Orgelmakerij Van der Putten (Finsterwolde)
- Uitbreiding Marrum: Mense Ruiter Orgelmakers (Zuidwolde); adviseur: Stef Tuinstra

Theo Jellema


Húns: klein maar fijn

In de Friese Orgelkrant 2013 werd de restauratie van het Hardorff-orgel (1875) in de Nicolaaskerk te Húns, een dorp van niet meer dan 100 inwoners, vermeld. Op vrijdag 27 september 2013 werd het orgel feestelijk weer in gebruik genomen. Niet alleen het orgel, maar ook het kerkgebouw werd van binnen en buiten gerestaureerd. Orgelmakerij Bakker & Timmenga tekende voor de orgelrestauratie die een algeheel technisch herstel inhield. Ook is het orgel helemaal schoon gemaakt, zijn de frontpijpen gepoetst na van aangebrachte aluminiumverf te zijn ontdaan en zijn de labia van nieuw bladgoud voorzien. Het snijwerk aan de kas werd gecompleteerd. Zowel voor oor als oog is er weer sprake van een prachtig instrument.

De heer Bert Yedema, directeur van orgelmakerij Bakker & Timmenga, vertelde dat de twee eerste vennoten van orgelmakerij Bakker & Timmenga allebei bij orgelbouwer Willem Hardorff uit Leeuwarden hebben gewerkt. Fokke Bakker kreeg zijn opleiding in de werkplaats van Hardorff. Timmenga werkte kort als ‘invaller’ bij Hardorff die personeel tekort kwam omdat een paar van zijn medewerkers wegens spanningen als gevolg van de Frans-Duitse oorlog gemobiliseerd waren. Fokke Bakker moet bij de werkzaamheden van het orgel in Húns, dat in 1875 in de kerk van Lions werd gebouwd, betrokken zijn geweest. Het orgel kreeg 7 stemmen op één manuaal, en aangehangen pedaal. Er werd plaats voor een achtste register gereserveerd: dit register, een dure Dulciaan, werd in 1883 aangebracht door de sinds 1880 opererende orgelmakerij Bakker & Timmenga. In 1961/62 wordt het orgel, als de kerk van Lions grondig wordt gerestaureerd en een verlaagd plafond krijgt, door Vaas & Bron overgeplaatst naar Húns. Daar staat het nu nog en het verkeert in de oorspronkelijke staat met handmatige windvoorziening. Pas met de nu afgesloten restauratie beschikt de kerk over elektriciteit. Een windmotor behoorde dus altijd tot de onmogelijkheden. Nu is er sinds 2013 boven bij het orgel de mogelijkheid voor een windmotor aangelegd maar vooralsnog is ervoor gekozen de handmatige windvoorziening te handhaven. Adviseur was Theo Jellema. Architect De Jong begeleidde de kerkrestauratie in Húns, zoals hij dat recentelijk ook in Raerd en Wommels deed. In zijn toespraak benadrukt hij, dat het in Húns om een onopvallende restauratie ging. Wat aanwezig was, is zoveel mogelijk gerespecteerd. Op uitdrukkelijk verzoek van de gemeenteleden in Húns is er naast elektriciteit ook een keuken, een toilet en verwarming aangelegd, noodzakelijke voorzieningen voor een ruimer gebruik van de kerk dan alleen voor erediensten. Maar een ruimere functionaliteit bleek te combineren met zoveel mogelijk behoud van het aanwezige interieur. Daarmee heeft de architect uitdrukkelijk een stempel op de werkzaamheden gedrukt. De gemeenteleden wilden aanvankelijke meer aan het interieur veranderen. Wat het exterieur betreft zijn het dak, de gevels, toren, klok en uurwerk helemaal nagekeken en hersteld. In allerlei opzicht is de kerk weer het ‘geestelijk hart’ van de Húnser mienskip.

Johan Sjoukema


Te biecht bij het orgel

Restauratie en uitbreiding van het Adema-orgel in de Sint-Bonifatiuskerk te Leeuwarden Naast de vele orgelrestauraties kunnen we ook melding maken van een gedurfd plan van de Titus Brandsma Parochie van Leeuwarden om het Adema-orgel in de Sint-Bonifatiuskerk grondig te restaureren en te verplaatsen. Uitvoering van deze plannen zou van zeer grote betekenis zijn voor het Friese orgellandschap en Leeuwarden. In de grote neo-gotische kerk van de hand van architect Pierre Cuypers werd in 1899 door de Leeuwarder orgelbouwers S. en L. Adema een orgel geplaatst met 17 registers verdeeld over twee klavieren en aangehangen pedaal. Dit instrument werd geplaatst op de westgalerij. In 1942 bouwde de firma L. Verschueren het huidige orgel met gebruikmaking van het pijpwerk van Adema. Dit orgel bevat 32 registers (II/P) en heeft een elektro-pneumatische tractuur. Tevens werd het orgel daarbij een paar meter naar achteren geplaatst om ruimte te maken voor het kerkkoor. Het orgel verkeert al geruime tijd in slechte staat en is onbruikbaar voor de koorpraktijk.

Wijlen Jan Jongepier en huidige adviseur Ton van Eck hebben een groots plan opgesteld om het huidige orgel terug te brengen naar de staat van Adema, flink uit te breiden en te verplaatsten naar het noordertransept. Op deze plek is het orgel geschikt voor koorbegeleiding en kan het een enorme impuls geven aan kerkmuziek en concerten. De werkzaamheden zullen uitgevoerd worden door Adema's Kerkorgelbouw te Hillegom.

Voor de nieuw te bouwen orgelklas zullen de twee neo-gotische biechtstoelen gebruikt worden, die thans op de plek staan waar het nieuwe orgel geplaatst zal worden. Daarnaast kan uit de voorraad van Adema een historische vrijstaande speeltafel van Duits-Franse orgelbouwer Joseph Merklin gebruikt worden die aan de voorzijde van het orgel geplaatst wordt, zodanig dat de organist met de rug naar het orgel zit.

De beoogde dispositie luidt:

Groot Orgel (C-g3): Bourdon 16 voet, Prestant 8 voet, Roerfluit 8 voet, Salicionaal 8 voet, Fluit Harmoniek 8 voet, Octaaf 4 voet, Fluit 4 voet, Quint 3 voet, Octaaf 2 voet, Mixtuur 2-5 sterk, Cornet 5 sterk, Trompet 8 voet;
Reciet Expressief (C-g3): Vioolprestant 8 voet, Holpijp 8 voet, Quintadeen 8 voet, Viola di Gamba 8 voet, Vox Coelestis 8 voet, Salicet 4 voet, Fluit Harmoniek 4 voet, Piccolo 2 voet, Basson 16 voet, Trompet Harmoniek 8 voet, Basson-Hobo 8 voet, Klaroen Harmoniek 4 voet;
Pedaal (C-f1): Subbas 16 voet, Openbas 8 voet, Violoncel 8 voet, Gedekt 8 voet, Bazuin 16 voet.

Het orgelfonds, toezeggingen daarbij inbegrepen, nadert nu het bedrag van € 150.000. Dat is hoopgevend, maar nog lang niet voldoende om op korte termijn opdracht te kunnen geven voor de renovatie. Daarvoor is een bedrag nodig van in totaal € 380.000. Donaties zijn zeer welkom en kunt u overmaken op rekening nummer NL02 RABO 0116095342 t.n.v. Titus Brandsma Parochie o.v.v. 'orgelfonds'. Deze gift komt in aanmerking voor aftrek bij uw belastingaangifte.

Zie voor meer informatie: www.titusbrandsmaparochie.nl/actueel/orgel-actie.

Peter van der Zwaag



stuur link via whatsapp stuur link via mail kopieer link naar clipboard