ok2009menu


  Orgelwerken van Johan G. Koers uitgegeven Friese Orgelkrant 2009


Op vrijdagavond 28 november van het vorig jaar werd feestelijk gevierd dat Johan G. Koers 40 jaar geleden zijn loopbaan als organist begon. Dat zijn jubileum in de Grote Kerk van Leeuwarden werd gevierd, is niet toevallig want het Müllerorgel in deze kerk beschouwt hij als het mooiste van Nederland. Dat Müllerorgel stond centraal bij de viering van zijn jubileum, want Johan Koers componeert ook. Naast orgelwerken componeert hij eveneens liederen en kamermuziek.

Vrijdagavond 28 november ging het vooral om zijn orgelwerken. Drie orgelleerlingen van Johan Koers voerden werken van diens hand uit op zijn favoriete orgel. Jochem Schuurman speelde het afwisselende en lyrische Choral pour Orgue, Jakob Adema speelde de lichtvoetige Nocturne met een krachtig middendeel. David de Jong tenslotte speelde de ingetogen Prélude et Fugue en het forse Versus Alleluiatici met felle ritmen en stevig pedaalspel en met een Gregoriaansachtig tussenstuk. Tussen de gespeelde stukken door werden enkele toespraken gehouden. Eén daarvan was van de heer Wybe Sierksma, directeur van Boeijenga Music Publications bv. Dat hing samen met het feit dat vanwege Koers' jubileum een tweetal publicaties met zijn orgelwerken bij Boeijenga verscheen. Boeijenga publiceert nog een derde bundel met werken van Koers. In zijn dankwoord memoreerde Johan G. Koers het belang van kritische leerlingen en collega's voor een componist. Zij houden je als scheppend kunstenaar scherp. In dat verband memoreerde Koers de onachtzaamheid waarmee Nederland met zijn componisten omgaat. Werken van componisten als De Lange, Röntgen, Van Bree en Bijster worden zijns inziens veel te weinig ten gehore gebracht. Om gezondheidsredenen moest Koers afzien van een carrière als concertorganist. Zijn werk als kerkorganist van de doopsgezinde gemeenten in Heerenveen en Tjalleberd verschaft hem gelukkig veel genoegen. Koers roemde de samenwerking met de doopsgezinde predikant. In nauw overleg streven zowel musicus als voorganger naar de hoogst haalbare kwaliteit van de liturgie voor de erediensten. Het komt helaas nogal eens voor dat een dergelijke samenwerking niet optimaal is. De strenge leraar Koers, die over een grote literatuurkennis beschikt, heeft een eigen karakteristieke humor.

Toen in 2000 het 100-jarig jubileum van het Bakker & Timmenga-orgel tijdens een dienst in de doopsgezinde kerk van Heerenveen werd gevierd, had hij het voor elkaar gekregen dat de inrichting van de kerk 180 graden was gedraaid en dat ambtsdragers en organist kostuums aan hadden zoals die honderd jaar geleden werden gedragen. In zijn toespraak gaf Koers tot slot blijk van zijn directe humor: hij vroeg de aanwezigen of iemand zich door zijn dankwoord 'overgeslagen' voelde. Dat bleek niet het geval zodat hij zonder problemen zijn speech kon beëindigen en weer kon gaan zitten. Na afloop van deze geslaagde avond was er nog een gezellig samenzijn met een hapje en een drankje in de kosterij van de Grote Kerk.

JSJ


stuur link via whatsapp stuur link via mail kopieer link naar clipboard