ok2005menu


  Gereformeerde kerk Wierum
nu 'Museumkerk Eben Haëzer'
Friese Orgelkrant 2005

Op 8 juli 2003 vermeldde een regionale krant in Fryslân deze kop boven een bericht: "Nieuwe bestemming gereformeerde kerk Wierum". Het bericht vervolgde: 'Kerkgebouw Eben Haëzer, tot voor kort nog in gebruik en eigendom van de gereformeerde gemeente Nes-Wierum, is verkocht aan de familie Bijlsma te Franeker. Na een flinke onderhoudsbeurt van het kerkje, waarbij het aanzien in tact blijft, krijgt dit gebouw een voornamelijk culturele bestemming. Er zal een permanente tentoonstelling worden ingericht van de vorig jaar overleden schilder Jo Rispens uit Nes, met de nadruk op zijn religieus-symbolische werk met als onderwerpen onder andere de schepping en de openbaringen. Af en toe krijgen kunstenaars de gelegenheid tot het houden van een wisselexpositie en kunnen er workshops worden gehouden. Van het van oorsprong 18e-eeuwse kerkorgel, afkomstig van een kerk in Bolsward, is in 1909 het hoofdklavier in de Wierumer kerk geplaatst. Na diverse vakkundige restauraties in de jaren 1970/1980 door orgelbouwer Reil van het binnen- en buitenwerk verkeert het orgel in goede staat. Het ligt in de bedoeling af en toe een concert, vooral kamer- en koormuziek, te organiseren; mogelijk in combinatie met het kerkorgel. Het blijft ook mogelijk in het gerestaureerde kerkje trouw- en rouwdiensten te houden. De kerkenraad is erg blij dat het karakter van het gebouw behouden blijft en dat de functie kan bijdragen aan het sociale en culturele leven in het dorp. Dat was een doorslaggevende reden bij de verkoop aan de familie Bijlsma.'

Als kerkgebouwen worden afgestoten, gaan ze soms over in particuliere handen. Het is dan maar de vraag wat er met het orgel gaat gebeuren. Nu, bijna twee jaar na de verkoop van de gereformeerde kerk in Wierum, heeft de redactie van de Friese Orgelkrant de heer J. Bijlsma uit Franeker, de nieuwe eigenaar, gevraagd zijn ervaringen met het gebruik van het kerkgebouw op papier te zetten. Daaraan werd het verzoek toegevoegd speciale aandacht aan het orgel te schenken.

"Waarom we juist deze kerk kochten heeft te maken met een aantal factoren. In het gebied 'achter Dokkum', zoals we het vroeger vaak noemden, liggen voor een deel onze wortels. Mijn vrouw is geboren in Lioessens, mijn moeder in Ooster-Nijkerk. Kunstschilder Jo Rispens, van wie we veel schilderijen gekocht hebben en ook exposeren, woonde in Nes, vlakbij Wierum. Wierum ligt direct aan de waddenkust in één van de weinige stiltegebieden, waar je in alle rust van de natuur en de vogels kunt genieten. Bovendien is het een heel karakteristiek dorp gebleven met een rijke historie als voormalig vissersplaatsje. 'Last but not least' bleek het gebouw een goed onderhouden historisch pijporgel rijk te zijn. De verkopende gemeente had enkele belangrijke criteria waaraan een koper van de kerk moest voldoen: "Een passende bestemming vinden we belangrijker dan de geldelijke opbrengst. Het kerkgebouw mag niet verwaarloosd worden, daarom verkopen we het orgel desnoods afzonderlijk". Met het orgel had de gemeente een speciale band. Ondanks de steeds krapper wordende financiële situatie van de kleine gemeente werd er veel geld gespendeerd aan het onderhoud van het orgel.

Wij waren kopers die aan de criteria voldeden. Het kerkgebouw is een echt kerkgebouw gebleven. Het is door een totale renovatie van binnen en van buiten 'in pronkje' in het dorp geworden. Het gevoel dat het 'onze kerk' is gebleven, komt vooral doordat het gebouw voor de dorpsbewoners toegankelijk is gebleven en dat is erg belangrijk voor de Wierumers en oud-Wierumers. Wanneer je zo'n kerkgebouw koopt, heb je er nog geen notie van hoeveel gevoel en sentiment er in zo'n gebouw schuil gaat. Ieder blijkt te weten waar hij of zij gedoopt is, belijdenis heeft gedaan, natuurlijk waar men getrouwd is. Dat hoor je regelmatig van de bezoekers en een enkele keer wordt er zelfs opgemerkt: "Ik zou eigenlijk vanuit dit gebouw begraven willen worden". Ons gastenboek staat bol van lovende opmerkingen, zowel in het Fries als in het Nederlands. Enkele voorbeelden: "Een nieuw sieraad voor Wierum"; "Dat de warmte is blijven bestaan, is heel bijzonder"; "Een sprookje voor elke liefhebber"; "Onvergetelijk, wat een kleinood, God is groot."; "Prachtige tentoonstelling met diepgang, heel mooi ook het orgel"; "Heel fijn, ontroerend, als cadeautje nog heel mooi orgelspel"; "Mooie expositie, tevens orgel bespeeld"; "Prachtig plekje, schitterend orgelspel: een plaatje"; "Ik heb er van genoten, dat dit van onze kerk te Wierum is geworden (Fries om útens)"; "Een grote aanwinst voor het dorp".

Nu we met Museumkerk Eben Haëzer het eerste volle seizoen achter de rug hebben en wat ervaring hebben verkregen blijkt de multifunctionaliteit van het gebouw nog groter te zijn dan we tevoren hadden gedacht. Het geheel leent zich heel erg goed voor bezoek in groepsverband van geïnteresseerden in kunst of in de gereformeerd / hervormde kerkgeschiedenis (vooral de tijd rond de doleantie circa 1880-1895 was ook in Wierum heel heftig). Liefhebbers van kerkorgels kunnen genieten van het prachtige orgel en dit eventueel bespelen. Ook voor concerten, wel of niet samen met het orgel, lezingen, jaarvergaderingen, reünies, jubileumvieringen, trouwplechtigheden en bruiloften blijkt de accommodatie erg geschikt te zijn. Naast de kerkzaal met een capaciteit van 100 personen beschikken we over een flinke bijzaal, de voormalige consistorie, met een modern keukenblok (inclusief koelkast en koffiezetapparaat) plus ruime sanitaire voorzieningen. Vanuit de consistorie kan er bij mooi weer gebruik worden gemaakt van de fraai aangelegde beschutte binnentuin. Catering kan men zelf organiseren of kan worden verzorgd door de eigenaar van het Wierumer café-restaurant "de Kalkman".

De exposities zijn in april tot september elke zaterdag geopend van 11.00 tot 17.00 uur. Alle overige activiteiten kunnen het hele jaar door plaatsvinden. Rond de Museumkerk is een vriendenclub opgericht. Voor de 'vrienden' bieden wij de mogelijkheid gratis het orgel te bespelen en de 'vrienden' hebben gratis toegang tot de te houden exposities. Bovendien krijgen zij korting op het entreegeld voor de concerten en op huur van de zalen. De museumkerk is deelnemer aan de nationale orgeldag 2005 in Fryslân op zaterdag 10 september. Ik ben een liefhebber van kerkorgelmuziek en bezoek regelmatig orgelconcerten. Nu we een eigen kerkorgel bezitten, en je daar ook de zorg voor hebt, word je nog veel nadrukkelijker bepaald bij de geschiedenis en de waarde van het historisch orgel in het algemeen en van het onze in het bijzonder.

In het redactionele artikel "Orgelbehoud in Fryslân" van de Friese Orgelkrant 2004 wordt – terecht – zorg uitgesproken over de toekomst van vooral de orgels, die via verkoop van kerkgebouwen in het bezit komen van particulieren. Uit dit artikel citeer ik: "Nieuwe eigenaars zijn soms bereid het orgel intact te laten. Maar welke garanties zijn er, dat er goed voor gezorgd wordt? Aan klimaatbeheersing worden hoge eisen gesteld, als het om een orgel gaat. Onderhoud en stemming zijn ook noodzakelijk. Hierover is door particuliere eigenaars voor zover bekend nog nooit een advies gevraagd." Einde citaat. Aan ons de eervolle taak de eerste particulier eigenaar te worden die zich wél deskundig laat begeleiden ten aanzien van alle zorg rond "ons" orgel. Wij spreken hier uitdrukkelijk de intentie daartoe uit en roepen bij dezen de lezers op aan ons bekend te maken waar zich orgels bevinden die overgaan of zijn overgegaan in particuliere handen en wie de eigenaars zijn geworden. Het lijkt ons een goed idee om een groep van orgeleigenaars op te richten. Er kan dan ervaring, kennis en ondersteuning uitgewisseld worden, want goed onderhoud is toch wel een dure hobby gebleken. Graag uw reacties naar: E-mail bylsmaj@bart.nl of tel. 0517-393589. Gegadigden kunnen hun belangstelling ook via de Stichting Organum Frisicum kenbaar maken.

Over de geschiedenis van het kerkgebouw, dat in 1875 is gebouwd als evangelisatiegebouw, en vanaf 1887 tot 2002 dienst heeft gedaan als gereformeerde kerk, is een uitgave verschenen ter gelegenheid van de afscheidsdienst, gehouden op 29 december 2002. Wij gaan hieronder op verzoek van de redactie nader op de geschiedenis van het orgel in.

Geschiedenis van het orgel Gereformeerde kerk Wierum:

Het orgel van de gereformeerde kerk te Wierum is van oorsprong een 18e-eeuws instrument. Het stamt uit 1750, het bezat oorspronkelijk twee klavieren en waarschijnlijk een aangehangen pedaal. Afkomstig van de rooms-katholieke kerk in Bolsward. Het hoofdklavier is in 1909 in de Wierumer kerk geplaatst, het tweede klavier is naar de gereformeerde kerk in Murmerwoude (thans Damwoude) gegaan. De originele dispositie van het hoofdmanuaal is niet geheel bekend. Maar we kunnen vrijwel zeker aannemen dat dit de volgende registers betrof:

Prestant
Roerfluit
Bourdon
Vioolprestant
Octaaf D
Cornet
Quint
Octaaf
Trompet
8'
8'
16'
8'
4'
 
3'
2'
8'
(Trompet 8' of Bourdon 16' waarschijnlijk gedeeld).

Door de heer T.P. Klimstra werd een 1 octaaf groot aangehangen pedaaltje toegevoegd. In 1949 is het orgel gerestaureerd door de fa. Spanjaard uit Amsterdam. Deze firma was aanbevolen door de Gereformeerde Organistenvereniging. Toezicht werd gehouden door de heer H.K.W. Frenkel, organist te Rinsumageest. De oorspronkelijke dispositie is toen helaas ingrijpend gewijzigd en kwam er als volgt uit te zien:

Prestant
Roerfluit
Quintadena
Vioolprestant
Octaaf D
Gemshoorn
Quint
Mixtuur
Tremulant
8'
8'
8'
8'
4'
4'
3'
3-5 st.
 
Quintadena vanaf c-klein. Het aangehangen pedaaltje uit 1909 bleef gehandhaafd.

In 1949 werd tevens een elektrische windvoorziening aangebracht. De motor, die naar later bleek niet geschikt was voor de windvoorziening van een pijporgel, werd beneden de galerij in het kolenhok geplaatst, zodat steeds koude lucht naar de pijpen werd gevoerd! Het resultaat was bedroevend. Het pijpwerk was zeer onregelmatig geïntoneerd. De mixtuur bijvoorbeeld was 'hees' en de rest navenant. Door de slechte intonatie was de orgelklank erg onstabiel. Kortom, een zeer teleurstellende 'restauratie'. In het voorjaar van 1961 is het orgel opnieuw gerestaureerd, nu door de orgelmakerij Gebroeders Reil uit Heerde. Het orgel werd geheel gedemonteerd en weer opnieuw opgebouwd. Al het pijpwerk werd geïntoneerd. Er kwam een vrij pedaal met de registers Subbas 16' en Octaaf 8' en een omvang van 27 tonen. Ook de windmotor werd vervangen en in de orgelkas geplaatst. Dit alles leidde tot een verbeterde orgelklank. In de 70er jaren werd de Tremulant vervangen door een nieuw exemplaar. Het pedaalmechaniek werd toen tevens vernieuwd en de Octaaf 2', die uit Cornetpijpen bestond, werd door een nieuwe 2-voet vervangen. In het najaar van 1979 werden de volgende (van de firma Spanjaard afkomstige) registers door Reil vervangen: de oude zinken frontprestant door een nieuwe Prestant 8' van orgelmetaal, de Quintadena 8' door een Gamba 8' en de Gemshoorn 4' door een Fluit 4'.

Toen ontstond de huidige dispositie:

Manuaal

Prestant
Roerfluit
Gamba
Vioolprestant D
Octaaf D
Fluit
Quint
Sifflet
Mixtuur
Tremulant


8'
8'
8'
8'
4'
4'
3'
1'
3-5 st.
 
Pedaal

Subbas
Octaaf
 
 
 
 
 
 
Koppel


16'
8'
 
 
 
 
 
 
 

Restauratie van de windlade vond plaats in het voorjaar van 1982. Het snijwerk van het front werd gerestaureerd door Mense Ruiter Orgelmakers te Zuidwolde. Ook nieuwe zijvleugels werden aangebracht (van de vroegere zijvleugels was nog een oude foto aanwezig). Ook werden opnieuw bekroningen op de torens geplaatst. Tevens werden, zoals in de 18e eeuw gebruikelijk was, de labia weer verguld. Met recht wordt het orgelfront dan – in de woorden van Klaas Bolt – tot 'een sieraad' voor de kerk. Durkje de Jong heeft de geschiedenis van het orgel onderzocht en beschreven, naar aanleiding van de feestelijke herinwijding van het orgel op 1 mei 1988. Zij was de organiste in Wierum van 1960 tot 1997. Ze kreeg onder andere les van de bekende Friese organist Arnold Feddema uit Damwoude. Na 1997 tot de sluiting in 2002 begeleidden mevrouw Johanna de Jong en de heer Folkert van der Meulen beurtelings de diensten. Durkje de Jong is de grote inspirator geweest tot het instandhouden en verrijken van het orgel in de gereformeerde kerk van Wierum. Voortgezet onderzoek naar de geschiedenis van het orgel is gewenst, want volgens Jan Jongepier zijn er vraagtekens te zetten bij het bouwjaar van 1750, dat in dit artikel is genoemd. Hij dateert de ontstaansgeschiedenis van het orgel mogelijk in de periode van circa 1830 tot 1850. Vast staat inmiddels wél, dat het orgel afkomstig is uit de gereformeerde A-kerk te Bolsward, die het op haar beurt kan hebben gekocht van de rooms-katholieke kerk in Bolsward. De naam van de oorspronkelijke bouwer is tot op heden moeilijk te achterhalen. Wellicht gaat het om Ypma.

J. Bijlsma, Franeker


stuur link via whatsapp stuur link via mail kopieer link naar clipboard