ok2005menu


  Jubileumdag
zaterdag 6 november 2004
Friese Orgelkrant 2005

Een persoonlijke impressie van de dag.

Al meer dan een jaar geleden werd tijdens één van de excursies aangegeven dat de najaarsexcursie van 2004 niet zoals gebruikelijk eind september zou plaatsvinden, maar op 6 november, want op die dag zou de Stichting Organum Frisicum haar tweede lustrum vieren. Deze mijlpaal zou worden aangegrepen om groots uit te pakken. Reden genoeg om deze dag gereserveerd te houden. De eerste zaterdag in november begon miezerig, maar onderweg naar Leeuwarden begon de zon voorzichtig door de wolken heen te breken en leek haar medewerking te gaan verlenen aan een mooie dag. Voor de Grote of Jacobijnerkerk in Leeuwarden, de centrale plaats voor een groot gedeelte van het feestprogramma, stond een draaiorgel de deelnemers vrolijk op te wachten. Alles bleek goed geregeld. Er was een keurig programmaboekje gemaakt, dat bij binnenkomst werd uitgedeeld. Niet alleen bevatte dat de agenda voor die dag, het was tevens een naslagwerkje voor de literatuur die door de vaste excursieleiders Jan Jongepier en Theo Jellema zou worden gespeeld. Tenslotte, ook niet onbelangrijk, een bon voor de lunch en een bon voor het afhalen van het boek "Vijf eeuwen Friese orgelbouw, een schoone voorraad waarlijk". Eindelijk een goed naslagwerk waarin de Friese orgels worden beschreven.

Welkom

Bij binnenkomst heerste er al een gezellige drukte. De bekende gezichten, maar ook veel nieuwelingen, stonden genietend van een kop koffie met koek het interieur van de Grote Kerk in zich op te nemen of keken rond bij de stands van ondermeer 'muziek- en boekhandel Boeijenga', 'VLS Records Beilen', orgelmakerij 'Bakker & Timmenga' en de ‘'tichting tot Behoud van het Nederlandse Orgel'. Precies om half elf begon de secretaris, Ad Fahner, van de Stichting Organum Frisicum aan zijn welkomstwoord. Hij stond even stil bij de eerste tien jaar van de Stichting en deed in het kort uit de doeken hoe het (veelbelovende) programma er die dag uit zou zien. Na de woorden van de secretaris was het tijd voor muziek: Jan Jongepier vulde de Grote Kerk met de schitterende orgelklanken van Bachs Preludium & Fuga in C Groot (BWV 547). Mooier had de dag niet kunnen beginnen.

De Sint Bonifatiuskerk

Toen de laatste maten hadden geklonken, werden de deelnemers – ruim 230 mannen, vrouwen en kinderen – verdeeld in twee groepen. De groep met het gele programmaboekje zette koers naar de St. Bonifatiuskerk en de andere groep, zij ontvingen eerder een groen boekje, wandelde naar de Waalse Kerk. De St. Bonifatiuskerk maakte een verpletterende indruk. Een kolossaal bouwwerk met een fraai en rijk interieur en magnifiek gebrandschilderde ramen. Achterin staat een klein koororgel dat gebouwd is door de befaamde Franse orgelbouwer Aristide Cavaillé-Coll. Het bijzondere orgel heeft geen front. In plaats daarvan heeft het zwelkast-jaloezieën aan de voorzijde. Het orgel werd in 1886-1887 gemaakt voor de kapel van het Jezuïetencollege te Katwijk a/d Rijn. Na een aantal omzwervingen kwam het orgel in bezit van de St. Bonifatiuskerk. Het orgel werd in 1984 in gebruik genomen nadat het was gerestaureerd door de firma Verschueren. Door Theo Jellema werd een uitgebreide presentatie gegeven van de vele mogelijkheden van het orgel, dat slechts vier registers heeft. Hij speelde ruim een half uur werken van verschillende componisten, waarbij hij diverse malen de zweltrede gebruikte.


Waalse Kerk

Nog nagenietend van de zojuist opgedane ervaringen wandelden we naar de volgende locatie. Onderweg naar de Waalse Kerk passeerden we verschillende historische panden waaronder een buitengewoon gaaf gebleven apotheek in de Jugendstilstijl. De Waalse Kerk was in het verleden de kapel van het klooster van de Witte Nonnen. In 1659 werd dit gebedshuis aan de Waalse gemeente toegewezen nadat zij, kort daarvoor, toestemming had gekregen van de Staten van Friesland om naar buiten te treden. In de kerk staat een orgel (1740) gebouwd door Johann Michaell Schwartzburg, een leerling van Müller, dat door de echtgenote van (de latere) prins Willem IV werd geschonken. Aanvankelijk was het instrument toegerust met twee klavieren en een aangehangen pedaal. In 1854 werd het gewijzigd en vergroot door L. van Dam en Zonen. Een nieuwe verandering van het orgel vond plaats in 1950 door Flentrop, middels een uitbreiding van  de dispositie. Bij de restauratie door Bakker & Timmenga, die onlangs in 2002 werd afgerond, werd de dispositie goeddeels hersteld naar de situatie van 1854. Voorts bleek toen, dat dit orgel de oudste zwelkast van Friesland bezit. Deze kast heeft horizontale jaloezieën die alleen open en dicht gaan en niet gradueel. Jongepier liet tijdens een miniconcert de prachtige klank van het orgel horen. Tijdens het orgelspel kregen de deelnemers, variërend van jong tot oud, uitgebreid de tijd om het rijk versierde rugstuk, met daarin de familiewapens van het stadhouderlijk paar, van het orgel te bewonderen.

Trompet voor Olifant

De tijd leek om te vliegen. Na de lunch – broodjes en soep – begon de kindervoorstelling "Trompet voor Olifant", gespeeld door Johan Luijmes en Klaas Stok. Naar schatting zestig kinderen vulden het middelste deel van de kerk, maar ook de volwassenen waren erg nieuwsgierig naar datgene wat gepresenteerd zou worden. Als een verhaal in een verhaal speelden Luijmes (de verteller) en Stok (op het orgel) het verhaal uit het boekje van Max Velthuijs "Trompet voor Olifant". In dat verhaal storen de olifant en de krokodil zich aan elkaars muziekspel totdat ze, na de nodige pesterijen over en weer, uiteindelijk besluiten om samen te spelen. Even brak er paniek uit toen één van de orgelpijpen bleek te zijn gestolen. Tijdens het spelen van de canon 'Vader Jacob' bleek de derde toon, de e, te zijn verdwenen. Er zat niets anders op dan dat het publiek deze noot zelf maar zong hetgeen luidkeels werd gedaan. Ondertussen kibbelden Luijmes en Stok er zelf, als een olifant en een krokodil, stevig op los. Tijdens dat gebakkelei bekende Luijmes dat hij de orgelpijp had gestolen, omdat hij vond dat Stok veel te lang en veel te luid speelde. Uiteindelijk besloten ze samen te gaan werken en dat leidde tot harmonie. Stok speelde en Luijmes vulde de ontbrekende toon aan. De kinderen werden actief in hun spel betrokken. Datgene wat de kinderen tekenden werd door Stok, die door middel van een monitor zichtbaar was voor het publiek, omgezet in muziek. Maar de kinderen musiceerden ook zelf. Zeven kinderen kregen een orgelpijp uitgereikt en speelden samen – op aanwijzing van Luijmes – het 'Vader Jacob'. Na afloop van de geweldige voorstelling ontvingen alle kinderen een zak met snoep en wat te drinken.

Uitreiking Jubileumboek

Uiteraard hoort bij een jubileum ook een officieel gedeelte. Dit deel werd ingeluid met een korte toespraak van Otto Roelofsen, de voorzitter van de stichting, die alle aanwezigen welkom heette, in het bijzonder Commissaris van de Koningin de heer drs. E.H.T.M. Nijpels, die als eerste het naslagwerk "Vijf eeuwen Friese orgelbouw, een schoone voorraad waarlyk" in ontvangst zou nemen. De voorzitter memoreerde dat de Stichting tien jaar geleden door een paar orgelfanaten werd opgericht met als doel de Friese orgels meer aandacht te geven. Er werd begonnen met het uitgeven van een orgelagenda, en al snel kwam er uitbreiding in de vorm van de orgelkrant en activiteiten als de orgelexcursies, de openspeeldagen en de orgelfietsroute. Als hoogtepunt kan worden genoemd de uitgave van het boekje over de Friese orgelbouwer Van Gruisen.

Speciaal voor het tienjarig jubileum schreef Jan Jongepier een lexicon over het Friese Orgelbezit. In een kort referaat werd uitgelegd dat de titel van het jubileumboek "Vijf eeuwen Friese orgelbouw, een schoone voorraad waarlyk" een uitspraak is geweest van Joachim Hess, die in 1732 in Leeuwarden werd geboren. Deze organist, hij was organist van de Sint-Jan in Gouda, publiceerde in 1774 een boekje waarin hij de Nederlandse, maar ook buitenlandse orgels, bescheef. Hij beschreef, dat maar liefst 58 van de 480 Friese dorpen een orgel bezitten "een schoone voorraad waarlyk". Helaas vond men deze titel niet commercieel genoeg, zodat de uitspraak van Hess werd gedegradeerd tot ondertitel. Ook Jongepier stond kort stil bij het doel van de Stichting dat hij omschrijft als 'aandacht vragen voor het hele complex van het orgel in het kader van het kerkinterieur, het orgel met zijn uiterlijk, innerlijk en het weergeven van zijn geschiedenis in een kort tijdsbestek'. Om die reden en met dat doel is het boek uitgegeven. Na deze woorden, werd het eerste exemplaar van het naslagwerk door voorzitter Roelofsen overhandigd aan de Commissaris van de Koningin in Fryslân, Ed Nijpels. Hij kreeg tevens een CD-box over Friese orgels van de Stichting tot behoud van het Nederlandse Orgel overhandigd, zodat hij de klank van de beschreven orgels kan beluisteren.

Slotconcert

De dag werd muzikaal afgesloten met een grandioos concert op het beroemde Müller-orgel (1727) door Theo Jellema een Jan Jongepier, waarbij het aardig was dat de organisten en registranten door middel van grote schermen zichtbaar waren in de Grote Kerk. Toen de klank van de laatste akkoorden in de kerkruimte was weggestorven, nodigde de secretaris van de Stichting iedereen uit om een hapje en een drankje te gebruiken. Daaraan werd massaal gehoor gegeven. Al met al een heerlijke dag, goed georganiseerd en met een buitengewoon gevarieerd programma. Hulde voor de organisatie.

Mieke Trip


stuur link via whatsapp stuur link via mail kopieer link naar clipboard